Bonusplannen: wijzigingen vanaf 1 april 2011 (Pro-Pay)

Het systeem van de niet-recurrente resultaatsgebonden voordelen – gebruikelijk bonusplannen genoemd - bestaat sinds 2008. Met ingang van 1 april 2011 wordt dit op een aantal punten gewijzigd. Het betreft voornamelijk administratieve en procedurele wijzigingen alsook een aanpassing van de berekeningswijze.

Sinds 2008 kan een werkgever in België aan zijn werknemers op grond van de wet van 21 december 2007 en de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 90 een niet-recurrent resultaatsgebonden voordeel toekennen.

Indien het voordeel niet hoger is dan €2.358 (grens 2011) en voldoet aan een aantal voorwaarden, geniet dit bonussysteem van een gunstige behandeling op het vlak van fiscaliteit en sociale zekerheid. Zo is het toegekende voordeel niet onderworpen aan bedrijfsvoorheffing en werknemersbijdragen sociale zekerheid, is het fiscaal aftrekbaar als bedrijfkost en komt het niet in aanmerking voor bijv. de berekening van de opzeggingsvergoeding en vakantiegeld. Wel is het onderworpen aan een bijzondere werkgeversbijdrage sociale zekerheid van 33%.

Voorbeeld: een bonus van €1.000 zal aan de werkgever €1.330 kosten (dit is €1.000 verhoogd met 33% bijzondere werkgeversbijdrage). De werknemer ontvangt netto € 1.000.

De voorwaarden waarover sprake zijn:

  • ­ Het voordeel moet gebonden zijn aan collectieve resultaten of doelstellingen;
  • ­ De resultaten of doelstellingen moeten gelden voor een onderneming, voor een groep van ondernemingen of voor een welomschreven groep van werknemers;
  • ­ De resultaten of doelstellingen zijn duidelijk aflijnbaar, transparant, definieerbaar/meetbaar en verifieerbaar; en
  • ­ Het behalen van de resultaten of doelstellingen is onzeker op het ogenblik van het invoeren van het bonusplan.

De wijze van invoering van het bonusplan verschilt naargelang de onderneming al dan niet een vakbondsafvaardiging heeft. Indien dit het geval is, wordt het bonusplan opgenomen in een collectieve arbeidsovereenkomst. Zo dit niet het geval is, heeft de werkgever de keuze tussen (i) een collectieve arbeidsovereenkomst op ondernemingsvlak of (ii) een toetredingsakte.

Indien de werkgever opteerde voor een toetredingsakte dient er een uitgebreide procedure gevolgd te worden die bestaat uit een opmaak- en een goedkeuringsprocedure. De opmaakprocedure houdt in dat werknemers opmerkingen kunnen formuleren bij het bonusplan en in de daaropvolgende goedkeuringsprocedure wordt het bonusplan voorgelegd aan de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg.

De collectieve arbeidsovereenkomst nr. 90bis wijzigt het systeem van de niet-recurrente resultaatsgebonden voordelen met ingang van 1 april 2011 op een aantal punten. Het betreft voornamelijk procedurele en administratieve wijzigingen, onder meer:

  • ­ De toetredingsakte moet verplicht vermelden of er al dan niet een vakbondsafvaardiging bestaat;
  • ­ De toetredingsakte moet vermelden of de werknemers opmerkingen formuleerden en of het register met opmerkingen verstuurd werd aan de Sociale Inspectie;
  • ­ Het toetredingsplan dient het aantal betrokken werknemers te vermelden op het ogenblik van de opstelling ervan;
  • ­ …

De berekening van het voordeel gebeurt pro rata de effectieve arbeidsprestaties tijdens de referteperiode van het bonusplan. Vanaf 1 april 2011 zijn naast het moederschapsverlof ook de jaarlijkse vakantie en feestdagen gelijkgesteld met effectieve prestaties.

Pro-Pay navigeert u veilig door het loonlandschap.

Wij informeren u via onze gratis nieuwsbrief over de nieuwste ontwikkelingen in België die van belang zijn voor uw personeelsbeleid.

Schrijf nu in.